Een VvE zit fiscaal tussen wal en schip: u bent geen particulier, maar meestal ook geen onderneming die winst maakt. Dat betekent dat de bekende regelingen vaak net niet passen. Hieronder staat eerlijk wat er wél kan en wat niet.
Drie sporen die het nakijken waard zijn.
Dit is het kansrijkste spoor. Verschillende gemeenten hebben een regeling voor laadinfrastructuur in bestaande bouw, soms specifiek voor VvE’s. De bedragen en voorwaarden lopen sterk uiteen en de potten zijn vaak beperkt, dus begin hier vroeg in het traject.
De EIA is bedoeld voor ondernemers die vennootschaps- of inkomstenbelasting betalen. Een gewone VvE doet dat niet en komt er dus niet voor in aanmerking. Verhuurt uw VvE bedrijfsruimte of is er een ondernemer bij betrokken, laat het dan door de boekhouder nakijken – dan kan het soms wél.
Is uw VvE BTW-plichtig, dan kan de BTW op de investering aftrekbaar zijn. De meeste VvE’s zijn dat niet. Dit is bij uitstek een vraag voor uw administrateur en niet iets waar wij u aan moeten houden.
Wat vaker meer oplevert dan subsidie: één keer goed aanleggen. Een gedeelde aanvoer die klaar is voor tien laadpunten kost nu iets meer, maar bespaart bij elke volgende bewoner het volledige bedrag van een nieuwe kabelroute. Op onze pagina over kosten in een VvE staat hoe dat uitpakt.
Wij leveren een voorstel met de kosten en de verdeling erin, zodat het bestuur er direct mee naar de vergadering kan.